Schil de stoofpeertjes, maar laat het stokje eraan zitten.
Leg de stoofpeertjes in een grote pan, en leg de citroen en het kaneelstukje ook in de pan.
Strooi vervolgens de suiker erover en schenk de port erbij.
Giet ook al het water bij de stoofpeertjes in de pan.
Breng het geheel aan de kook. De peertjes moeten twee uur koken.
Halverwege de kooktijd - dus na zestig minuten - kun je het beste de peertjes draaien, om ervoor te zorgen dat de peertjes helemaal rondom rood kunnen worden.
Laat de stoofperen afkoelen in het kookvocht. Haal alvast de citroen en het kaneelstokje uit de pan.
Serveer de peertjes vervolgens als bijgerecht in het kookvocht.